Blog Jacques Nieuwlaat

Legende in eigen land

Published on 02 September 2016
Van 20 tot en met 24 september is Nederland gastheer voor de WDF Europe Cup in Egmond aan Zee.
1Phillips Martin 005
Hoenselaar Francis 003
Jenkins Heike 001

Zoals de trouwe lezers inmiddels wel weten zijn de ‘Cups’ zo’n beetje mijn favoriete toernooien van het jaar om bij te wonen. Ik ben in de gelukkige omstandigheid dat ik sinds 2008 samen met mijn vriend Richard Ashdown de presentatie voor mijn rekening mag nemen. Inmiddels zijn onze voorbereidingen daarvoor natuurlijk al begonnen en als je dan door de statistieken struint dan kom je best aardige weetjes tegen die ik u niet wil onthouden.

Voor het televisiekijkende publiek zijn tegenwoordig mannen als Michael van Gerwen, Phil Taylor, Gary Anderson en Raymond van Barneveld de grote namen. In het verleden waren dat legendarische namen als bijvoorbeeld Eric Bristow, Jocky Wilson of John Lowe. In de wereld van de Europe en World Cups zijn er ook talrijke legendes, al zijn die lang niet allemaal zo bekend. Wie kent bijvoorbeeld Hiroshi Watanobe? Waarschijnlijk zeer weinigen van u. Toch is deze Japanse darter een legende binnen deze wereld. Hij is namelijk één van slechts twee heren die aan tien WDF World Cups heeft meegedaan. Een voorbeeld voor velen dus in het oosten van de wereld en het feit dat hij nooit voorbij de laatste 16 kwam doet daar helemaal niets aan af. Een andere man waar u waarschijnlijk nog nooit van gehoord heeft is Vernon Daniels, sinds 1989 doet hij al mee namens Bermuda en heeft zo al negen World Cups op zijn naam staan.

In totale aantallen is Martin Adams ook een vooraanstaand man in de Cupgeschiedenis met 19 deelnames, maar die naam is wellicht wat meer voor de hand liggend. Voor mij spreken de minder bekende internationale namen meer aan, vooral omdat dit mensen zijn die in hun eigen land grote status hebben zonder buiten de grenzen veel faam te hebben. Urs Von Rufs is een Zwitser die aan 16 Cups meedeed, Loris Polese uit Italië was al veertien keer van de partij. Stuk voor stuk legendes in eigen land, maar onbekend erbuiten.

Maar goed, dat is niet waar ik het specifiek over wilde hebben, het gaat me deze keer om de grootste legende van allen bij de World en Europe Cups; Martin Phillips. Sinds 1989 heeft hij aan totaal 26 World en Europe Cups meegedaan. Hij miste slechts één editie, die van 1996. In totaal heeft hij 9 gouden medailles verzameld in al die jaren waaronder de Europese singlestitel in 2010. Phillips komt uit Wales, een sterke dartsnatie dus het feit dat hij zich ieder jaar weer in de selectie heeft weten spelen is op zich al knap. Hij maakte zijn debuut in het jaar dat de muur tussen Oost- en West-Duitsland viel. Het jaar ook waarin Michael van Gerwen werd geboren. Maar een legende wordt je niet alleen door zo vaak erbij te zijn, zelfs niet het aantal medailles is de maatstaf, maar het hele plaatje moet kloppen. En dat doet het bij Phillips. Hij is met recht een voorbeeld voor darters, niet alleen in Wales, maar over de gehele wereld. Binnenkort zet hij een punt achter zijn interlandloopbaan dus als u hem nog in actie wilt zien, of zelfs wilt spreken is het in september waarschijnlijk uw laatste kans in Nederland.

Overigens zijn er ook bij de dames een aantal ambassadrices die zeker niet onvermeld mogen blijven. De evenknie van Phillips heet daar Heike Jenkins, meisjesnaam Ernst. Zij heeft tussen 1987 en 2014 aan 23 Cups meegedaan, vijf meer dan welke andere dame dan ook. Maar ook hier weer viel mijn oog op de onbekendere namen. Jannette Jonathan uit Nieuw-Zeeland speelde negen keer op een World Cup. In eigen land een grootheid, mede omdat zij samen met Jill MacDonald de World Cup in 1991 won, de enige keer dat niet een Europees land of de VS een cup won. Nog één laatste naam wil ik noemen omdat het zo’n heerlijke vrouw is; Trudy Johnson uit de Bahamas. Acht keer een World Cup gespeeld, weinig gewonnen maar iedere twee jaar komt ze terug en neemt ze andere dames mee uit haar land om kennis te maken met de internationale dartssport en daar gaat het nu precies om bij deze evenementen.

Trina Gulliver verzamelde tijdens zeventien optredens 23 gouden medailles en zoveel heeft geen enkele andere dame er. Gulliver is er dit jaar nog steeds bij overigens.

Voor Nederland zijn Francis Hoenselaar en Raymond van Barneveld de spelers met de meeste interlands. Hoenselaar won elf keer goud en maakte 18 keer haar opwachting in het oranje. In 2011 nam zij afscheid van de internationale topsport, maar zij moet in ons land als hét voorbeeld gezien worden. Van Barneveld won ook negen gouden medailles en vertegenwoordigde Oranje zeventien keer. Tenslotte nog even de records bij de heren; John Lowe 37 keer goud, één keer meer dan landgenoot Eric Bristow. Martin Adams staat met 29 keer goud derde op die lijst.

Jacques Nieuwlaat
twitter: @jjnieuwlaat

Comments