Blog Jacques Nieuwlaat

De nieuwe generatie komt er aan

Published on 01 March 2011
Afgelopen weekend wonnen Steve Brown en Michael Smith de beide kwalificatietoernooien voor de UK Open. Wie? Hoor ik een groot aantal van u nu denken. Steve Brown kennen de diehard dartsvolgers nog wel. Voor de zekerheid vertel ik er even bij dat het niet de man is die vanaf de jaren 90 elf keer mee deed aan het PDC WK, dat was immers een Amerikaan, maar dat het hier gaat om de Engelse versie uit Bristol. Van Michael Smith zullen de meeste toch niet gehoord hebben voor afgelopen weekend.
201103 01
201103 02
201103 03

Je ziet het de laatste tijd steeds meer, volstrekt onbekende namen die het ineens goed doen op toernooien. Als je dan nog wat verder gaat spitten blijkt het vaak te gaan om een zeer jeugdige speler. Waar komt deze plotselinge generatie vandaan en moeten de gearriveerde spelers zich zorgen maken? Een klein beetje wel denk ik, natuurlijk zijn de absolute wereldtoppers die al zo’n 20 jaar aan de top staan als Phil Taylor en Raymond van Barneveld voorlopig veilig maar de groep daaronder wordt steeds breder. Tot nu toe was het heel overzichtelijk binnen de dartsport, immers toppers bleven vele jaren aan de top staan en er kwam slechts af en toe een nieuweling bij, meestal bleven die dan maar heel kort aan de top om vervolgens weer in de anonimiteit te vervallen. Maar doordat er steeds meer geld in de sport wordt gepompt blijven deze eendagsvliegen steeds langer hangen. Het systeem zorgt er nog steeds voor dat de toppers een beschermde status genieten maar het is voor de nieuwe generatie steeds makkelijker om aansluiting te vinden en een belegde boterham te verdienen met het darten.

De grote ommekeer is gekomen toen de Players Championship Order of Merit werd ingevoerd. De beste spelers van de vloertoernooien kregen ineens toegang tot de grote prijzenpotten van de TV toernooien als ze maar hoog genoeg op die ranglijst kwamen. Hierdoor werd het steeds lastiger voor de subtoppers van de grote Order of Merit om zich te plaatsen voor deze zelfde toernooien. Langzaam maar zeker zie je nu dus ook mensen die jaren vaste gezichten waren verdwijnen van je tv scherm. Peter Manley, John Part, Wayne Mardle en Roland Scholten hebben om zo maar een paar namen te noemen, vorig jaar veel tv toernooien moeten missen. Als je deze toernooien mist verlies je vervolgens automatisch geld op de Order of Merit en zit je op een glijbaan naar beneden. En zie dan nog maar eens terug te komen. Ik denk dat het wel goed is voor de sport als we wat nieuwe gezichten mogen verwelkomen, al denk ik ook dat we niet te snel afscheid moeten nemen van de vertrouwde gezichten. Toch gaan we ook dit jaar weer kennis maken met veel nieuwe namen op tv. Zeker voor de kijkers van het darts die niet ieder weekend achter hun PC gelijmd zitten om alle uitslagen van de toernooien te volgen.

Je kunt het goed zien als je op de toernooien gaat kijken. De jonge generatie kent geen angst. Ze kijken niet op naar een wedstrijd met een topspeler, ze kijken er naar uit. Maar al te graag willen ze bewijzen dat zij deze mannen kunnen verslaan en dat zij de nieuwe generatie zijn. Toch blijkt het achteraf vaak niet zo makkelijk te zijn. De eerste paar toernooien of zelfs het eerste jaar lukt het allemaal wel, maar dan lopen ook deze jongelingen tegen de problemen op die de gelouterde spelers ook kennen. Je moet ineens dingen gaan verdedigen, je status en je ranking om mee te beginnen. Wat later komen daar ook nog andere zorgen bij. De jonkies krijgen een vrouw of vriendin die toch ook wat aandacht wil, logisch. Nog wat later komt een eigen huisje met huur of een hypotheek en voordat ze er zelf bij stil staan spelen ze ineens niet meer alleen voor het plezier, niet meer alleen voor zichzelf, maar spelen er heel veel andere dingen mee die extra druk met zich meenemen. Ineens móet je prestaties leveren om je hypotheek te kunnen betalen of om het volgende tv toernooi te halen waar dan weer veel prijzengeld is te verdienen. En daar gaat het dan ook vaak fout. Zoveel druk, daar zijn ze niet op voorbereid. De meeste zie je dan ook zakken op de ranglijsten en vaak zelfs stoppen met darten op dit niveau om een gewone baan te zoeken. De jonge spelers met karakter houden het vol en als ze na een tijd hebben leren omgaan met de druk komen ze er beter uit. Ook daar zijn genoeg voorbeelden van, Adrian Lewis, James Wade en Wes Newton bijvoorbeeld. Zij hebben best een tijd moeten investeren voordat ze nu kunnen gaan oogsten.

In Nederland hebben we ook een paar van die jonge gasten rondlopen met enorm veel talent. Zij hebben in het verleden bewezen dat ze toernooien kunnen winnen en dat ze zich met de absolute wereldtop kunnen meten. Op dit moment zitten zij in de tweede fase van hun dartsloopbaan, het gaat niet meer vanzelf en daarom blijven de grote prestaties achterwege. De enige manier om hier verandering in te brengen is door de omstandigheden zo goed mogelijk te maken. Waar deze spelers als eerste behoefte aan hebben is financiële zekerheid. Ze moeten kunnen gooien zonder dat ze zorgen hoeven te maken of ze nog wel hun energienota kunnen betalen. Naast het feit dat een sponsor financiële zekerheden bied is het ook een mentale boost. Als speler voel je je gewaardeerd voor wat je doet als een bedrijf zijn naam op jouw borst wil plakken en zich met jou wil associëren. Na een paar magere jaren in het darten waarin de sport minder exposure kreeg dan zij gewend was breekt de zon langzaam weer door. Er komt meer darts op tv en dat kan alleen maar betekenen dat de kansen voor onze spelers op tv tijd groeit. Ik vind het onbegrijpelijk dat topspelers als Vincent van der Voort, Jelle Klaasen of Michael van Gerwen nog steeds moeten rondkomen van alleen hun prijzengeld. Ik hoop ook echt van harte dat onze Nederlanders in 2011 een ‘nieuw’ begin kunnen maken. Wij moeten toch 3 spelers in de top 16 kunnen hebben?

Op wie moet u letten het aankomende jaar? Ik denk zelf dat spelers als Steve Brown, Jamie Caven, Wes Newton en Dave Chisnall hun definitieve doorbraak gaan meemaken dit jaar. Ook de Spanjaard Antonio Alcinas en de jonge Ier William O’Connor kunnen weleens voor wat verrassingen gaan zorgen. Van wie gaan we dan langzaam afscheid nemen? Dennis Priestley heeft het zelf al aangekondigd, hij zal uit de top 32 vallen, ook voor Denis Ovens, John Part en Alan Tabern geldt dat zij in die gevarenzone zitten. Verder zullen mannen als Andy Hamilton, Mark Dudbridge en Steve Beaton echt resultaten gaan neerzetten anders wordt het voor hen ook moeilijk, de nieuwe generatie komt er immers aan!

Jacques Nieuwlaat

Comments